ENKELE BELANGRIJKE VERSCHILLEN TUSSEN NEDERLANDS EN SPAANS PROCESRECHT

Inleiding

Procesrecht is het recht dat bepaalt hoe juridische procedures gevoerd moeten worden. Er bestaan grote verschillen tussen Nederlands en Spaans procesrecht. Dat lijkt enkel voer voor juristen maar dat is het niet. Ondernemers en particulieren hebben er wel degelijk belang bij om minst genomen de meest in het oog springende verschillen te kennen. Die verschillen kunnen immers van groot belang zijn voor de bescherming van hun rechten en de wijze waarop zij hun onderneming uitoefenen. In dit artikel bespreken wij verschillen bij het leggen van conservatoir beslag, verschillen met betrekking tot voorlopige beslissingen en verschillen bij de tenuitvoerlegging van gerechtelijke uitspraken.

Verschillen bij het leggen van conservatoir beslag

Wie een procedure denkt te kunnen winnen maar bang is dat er straks niets meer te halen valt wil vaak voorafgaand aan (of gedurende) een procedure beslag op geld of goederen van de wederpartij kunnen leggen. Dat heet conservatoir beslag. Conservatoir beslag bestaat in beide landen, maar de procedure is heel anders. Er kan in Spanje overigens ook beslag worden gelegd in verband met een Nederlandse procedure en omgekeerd.

In Nederland

Voorafgaand aan het beslag vindt slechts een summiere toetsing van de redenen voor beslaglegging plaats. Daarvoor moet een advocaat, bij fax, schriftelijk verlof vragen aan de rechtbank. Hoewel in de meeste gevallen vrees voor verduistering moet worden aangetoond, wordt die vrees over het algemeen vrij snel aangenomen. Nog dezelfde dag, of op zijn hoogst in de daaropvolgende dagen, beslist de rechter of hij al dan niet verlof verleent voor het leggen van beslag. De wederpartij wordt daarbij niet gehoord. Als de advocaat het verlof ontvangt, stuurt hij dit door naar een deurwaarder. De deurwaarder kan het beslag direct leggen. De andere partij hoort pas van het beslag als dit al is gelegd. Desgewenst kan deze partij dan een procedure voeren om het beslag weer opgeheven te krijgen, als hij van mening is dat het ten onrechte is gelegd.

In Spanje

In Spanje vindt een veel grondiger toetsing van de redenen voor het beslag plaats. Er wordt streng getoetst of de vordering een redelijke kans van slagen heeft en of daar voldoende bewijs voor bestaat. Ook wordt gekeken of het beslag in verhouding staat tot de vordering en of er een risico bestaat dat het door de duur van de procedure waarschijnlijk is dat er aan het eind daarvan geen verhaal meer mogelijk is. De rechter toetst daarbij ook of je zelf wel voortvarend genoeg hebt gehandeld. Het verzoek tot conservatoir beslag loopt via een dagvaarding en tenzij sprake is van grote urgentie wordt ook de wederpartij gehoord. Een beslagprocedure kan dan ook al snel enkele maanden duren. Daar staat tegenover dat het opzettelijk verduisteren van goederen om verhaal onmogelijk te maken in Spanje strafbaar is. Het is de rechter zelf die het beslag doet leggen. De partij die om beslag vraagt moet wel goederen aanwijzen die beslagen kunnen worden maar kan daarnaast ook verzoeken om een gerechtelijk verhaalsonderzoek. Degene die het beslag verzoekt zal een door de rechter vast te stellen waarborg – geld of een bankgarantie – moet afgeven.

Verschillen met betrekking tot voorlopige beslissingen

Juridische procedures kunnen vaak jaren duren. Soms hebben rechtzoekenden evenwel behoefte aan een snelle beslissing. Er is dan een spoedeisend belang bij dat de rechter in afwachting van de eindbeslissing voorlopige beslissingen neemt. De uitvoering van een dergelijke voorlopige beslissing vindt dan plaats op risico van degene die daarom heeft gevraagd.

In Nederland

Een rechter mag in spoedeisende zaken een voorlopige beslissing geven, voorafgaand aan een bodemprocedure. De procedure daartoe wordt een kort geding genoemd. De rechter stelt lage eisen aan de spoedeisendheid van een zaak en als eenmaal een uitspraak is gedaan, laten partijen een bodemprocedure vaak achterwege, waardoor de uitspraak, die formeel een voorlopige uitspraak is, in feite een definitief karakter krijgt. Daar komt ook bij dat de kortgedingrechter, ook al is zijn oordeel voorlopig, er niet voor schroomt om uitspraken te doen die later niet of nauwelijks meer kunnen worden teruggedraaid. De duur van een kort geding is meestal ongeveer een maand, maar als een zaak echt urgent is kan de rechter desnoods binnen enkele uren een uitspraak doen.

In Spanje

Spanje kent wel voorlopige maatregelen – het conservatoir beslag is er daar een van – maar alleen in het kader van een bodemprocedure. Als die procedure nog niet begonnen is ten tijde van het verzoek om de voorlopige maatregel, moet deze uiterlijk binnen twintig dagen na het toewijzen van de voorlopige maatregelen begonnen worden. Een zelfstandig kort geding zoals in Nederland bestaat niet en de procedure tot het verkrijgen van voorlopige maatregelen neemt vaak lange tijd in beslag. Alleen in het familierecht en het handelsrecht worden soms snellere beslissingen genomen. De Spaanse rechter is bij het nemen van voorlopige maatregelen bovendien veel terughoudender dan de Nederlandse rechter: een beslissing die niet, of moeilijk, ongedaan gemaakt kan worden mag hij niet nemen. Een ander belangrijk verschil is dat degene die een voorlopige maatregel vraagt ook hier een door de rechter vast te stellen waarborg moet afgeven.

Verschillen bij de tenuitvoerlegging van gerechtelijke uitspraken

Wie een zaak eenmaal heeft gewonnen wil dat de verkregen uitspraak ook daadwerkelijk wordt uitgevoerd. Vaak zal een verliezende partij vrijwillig aan de uitspraak voldoen. Als dat niet gebeurd zal de winnende partij het initiatief moeten nemen tot gedwongen tenuitvoerlegging.

In Nederland

Als de rechter (en dat kan ook de Spaanse rechter zijn) eenmaal uitspraak heeft gedaan, kan die uitspraak zonder verdere tussenkomst van de rechter gedwongen ten uitvoer worden gelegd. Als de wederpartij de uitspraak niet vrijwillig naleeft, kan de uitspraak naar een deurwaarder worden gestuurd die rechtstreeks de maatregelen kan nemen die hem door de in het gelijkgestelde partij worden opgedragen (voor zover wettelijk toegestaan uiteraard). Er kan beslag worden gelegd op goederen of bankrekeningen van de wederpartij. Het is echter aan de ten uitvoer leggende partij zelf om te onderzoeken waar er wat te halen valt. Als de wederpartij vindt dat de tenuitvoerlegging onrechtmatig, of onredelijk bezwarend, is, moet hij of zij het initiatief nemen tot een gerechtelijke procedure.

In Spanje

In Spanje vindt gedwongen tenuitvoerlegging van een uitspraak (ook een Nederlandse uitspraak) altijd plaats door middel van een executieprocedure bij de rechtbank. Het is de ten uitvoer leggende partij die daartoe het initiatief zal moeten nemen. Die executieprocedure begint met het uitbrengen van een dagvaarding. Hoewel de procedure aanmerkelijk korter duurt dan een normale Spaanse procedure, neemt de procedure toch vaak maanden in beslag. Het voordeel van de Spaanse executieprocedure is dat een rechter toegang heeft tot informatie over vermogensbestanddelen die de uitvoerende partij in Nederland niet heeft: fiscale informatie en informatie over geregistreerde voertuigen bijvoorbeeld.

Gevolgen voor de praktijk

Wie zijn gelijk wilt halen zal in Spanje een langere adem moeten hebben dan in Nederland. Juridische procedures zijn in Spanje omslachtiger, en daardoor ook kostbaarder, dan in Nederland. Dat Nederland in spoedeisende gevallen een snelle rechtsgang kent en Spanje niet, is iets waar contractspartijen stil bij zouden moeten staan als zij afspraken maken. Het is in Spanje zaak om de kans te verkleinen dat je een rechter nodig hebt: door allesomvattende afspraken te maken, door een boetebeding af te spreken waardoor niet nakomen extra onaantrekkelijk wordt, door gedeeltelijke vooruitbetaling te verlangen, et cetera. Het omgekeerde geldt ook: In Nederland is de stap naar de rechter makkelijker te zetten en dat is wel goed om te weten voor een Spaanse partij die denkt met lege handen te staan.

Ten slotte nog een tip voor de Nederlander die zijn recht wil halen in Spanje: vergeet niet dat de (civiele) rechtbanken, behalve voor zeer spoedeisende zaken, in augustus gesloten zijn.

Wilt u meer weten? Neem gerust contact met ons op:

Sibbing Baggen advocaten

00 34 93 131 1441

00 31 20 808 1119

info@sibbingbaggen.com

By |2018-08-02T14:04:15+00:00april 28th, 2016|JURIDISCHE INFORMATIE|